Reserveringsruimte: gemiste jaarruimte tot 10 jaar terug inhalen
24 juli 2026 · 7 min leestijd
Wat is reserveringsruimte?
Elk jaar mag je fiscaal aftrekbaar inleggen voor je pensioen via een lijfrente — dat is je [jaarruimte](/boekhouding/kennis/pensioen-opbouwen-dga-bv). Benut je die niet (helemaal), dan verdwijnt die ruimte niet meteen: het onbenutte deel schuift door naar de reserveringsruimte.
De reserveringsruimte is simpelweg de optelsom van je niet-gebruikte jaarruimtes uit de tien voorgaande jaren. Sinds de Wet toekomst pensioenen kun je zo tot tien jaar aan gemiste aftrek alsnog inhalen — vóór die wet was dat aanzienlijk beperkter. Voor iedereen die jaren "niets aan pensioen heeft gedaan", is dit de grootste vergeten aftrekpost die er is.
Hoe bereken je je reserveringsruimte?
De rekensom is conceptueel eenvoudig: per jaar (tot tien jaar terug) bepaal je wat je jaarruimte wás en wat je daadwerkelijk hebt ingelegd; het verschil telt op tot je reserveringsruimte. Je ruimte is nooit méér dan wat je in die jaren werkelijk onbenut liet.
Praktisch heb je daarvoor je inkomensgegevens van die jaren nodig. Je hoeft het niet zelf uit te pluizen: de Belastingdienst toont je opgebouwde ruimte via het Hulpmiddel lijfrentepremie in Mijn Belastingdienst. Er geldt een wettelijk maximum per jaar voor wat je aan reserveringsruimte mag benutten — check het actuele bedrag op belastingdienst.nl of in het hulpmiddel.
Waarom juist DGA's vaak (verrassend veel) ruimte hebben
Voor een DGA wordt de jaarruimte berekend over je premiegrondslag — gebaseerd op je [gebruikelijk loon](/boekhouding/kennis/gebruikelijk-loon-dga-2026). Daar zitten twee typische inhaal-scenario's in:
- Magere beginjaren: startende DGA's hielden hun salaris jarenlang laag en legden niets in. Die onbenutte jaarruimtes staan nu klaar om ingehaald te worden. - Dividend-jaren: wie vooral via dividend leefde en pensioeninleg oversloeg, bouwde reserveringsruimte op zonder het te merken.
Gaat je BV nu goed en keert die dividend uit, dan is een inhaalstorting vaak fiscaal aantrekkelijker dan hetzelfde bedrag extra oppotten: directe aftrek in box 1 tegen je huidige tarief.
Inhalen in de praktijk
1. Check je ruimte via het Hulpmiddel lijfrentepremie (Mijn Belastingdienst). 2. Stort vóór 31 december op je lijfrenterekening of -verzekering — de aftrek telt in het kalenderjaar van de storting. 3. Volgorde: je storting vult eerst je jaarruimte van dit jaar; het meerdere gaat van je reserveringsruimte af, te beginnen bij het oudste jaar. Zo verdampen je oudste jaren niet. 4. Trek af in je aangifte inkomstenbelasting en bewaar de berekening.
Let op de andere kant van de medaille: lijfrente-inleg staat vast tot je pensioen. Vroegtijdig opnemen kost belasting plus revisierente. Stort dus geen geld dat je BV of jij op korte termijn nodig hebt — zeker met de [€ 500.000-leengrens](/boekhouding/kennis/excessief-lenen-eigen-bv) in het achterhoofd.
Reserveringsruimte en je bredere DGA-planning
De inhaalstorting staat zelden op zichzelf. Hij concurreert met dividend uitkeren, aflossen op je rekening-courant en investeren in de BV. De volgorde die fiscaal vaak logisch is: eerst je jaarruimte van dit jaar, dan de goedkoopste inhaaljaren, en pas daarna extra vermogen in de BV opbouwen.
Dit is een indicatief overzicht en geen fiscaal of pensioenadvies; laat een grote inhaalstorting doorrekenen. Het complete overzicht van je opties staat in [pensioen opbouwen als DGA](/boekhouding/kennis/pensioen-opbouwen-dga-bv).
FINEO houdt je ruimte in beeld
Of een inhaalstorting kan en loont, hangt af van je loonhistorie, je winst en je cashflow — cijfers die FINEO al voor je bijhoudt. FINEO verwerkt lijfrentestortingen correct in je administratie en signaleert aan het einde van het jaar wanneer er fiscale ruimte blijft liggen. Bekijk het op de [functiepagina](/functies).